Cursusinformatie

Cursusinformatie

Nederland heeft meer dan 19.000 soorten insecten. Allemaal beestjes met 6 poten, een kop, een borststuk en een achterlijf en vaak voorzien van 1 of 2 paar vleugels, De grootste ongeveer 7 cm lang en de kleinsten zijn kleiner dan 1 mm. De Nederlandse insecten zijn onder te brengen in 434 families: dagvlinders, stippelmotten, bladrollers, sabelsprinkhanen, bladhaantjes, wapenvliegen, sluipwespen, kriebelmuggen, wappervliegen, vliegende herten, prachtkevers, graafwespen, schildluizen, bootsmannetjes, schaatsenrijders en nog 422 andere insectenfamilies. Door hun enorme aantallen hebben deze zespotigen een enorme impact op het milieu. Wil je dat een beetje begrijpen, dan zul je deze zespotige beestjes bij naam moeten kennen.

Om bekend te raken in het Rijk der Insecten en daarin verder zelfstandig je weg te kunnen vinden, daarvoor is deze cursus opgezet.

Cursusopzet

Cursus bestaat uit twee delen: 
Interactieve colleges (ongeveer een derde van de cursusduur).

  • Structuur, morfologie en grootte van insecten
  • Groei, ontwikkeling en voortplanting
  • Fysiologie en zintuigen
  • Interactie met het milieu
  • Leefwijze sociale insecten

Practica (ongeveer twee derde van de cursusduur).

  • Vangen van insecten
  • Optimaal gebruik van loep en binoculair
  • Insecten prepareren
  • Determineren met tabellen
  • Inventariseren van een insectenpopulatie

Entomologie

CoordinatorHenri Groeneveld
DocentenDr. Henri Groeneveld, Prof. Dr. Rinus Sommeijer
ECTS2,5
PeriodeSeptember t/m December
TimeslotE
BenodigdhedenHandleiding, prepareerspullen en een insectenboekje